Grote, complexe reorganisaties. Ze zorgen voor veel stress bij personeel, en ook bij de ondernemingsraad. Want die moet vaak snel advies uitbrengen. Hoe zorg je ervoor dat je toch grip op de zaak houdt?
Een ondernemingsraad van vijf personen bereidde tijdens een cursus de komende verkiezingen voor. Dat ging volgens een al sinds mensenheugenis beproefde procedure. Eerst werd gekeken hoeveel OR-leden nog een zittingsperiode wilden bijtekenen. Dat bleken er, na enige omtrekkende bewegingen, drie te zijn. Een simpel rekensommetje leerde dat er dus minimaal twee kandidaten bij moesten komen. Dat zou als volgt worden gedaan.
Kiescommissie
De kiescommissie ging de vakbonden mailen met de vraag of zij kandidaten hadden. Tegelijkertijd zou er in de onderneming gezocht worden naar andere kandidaten. Alle kandidaten kwamen vervolgens in willekeurige volgorde op een document te staan. Dat document werd aan alle kiezers toegezonden. Tijdens de verkiezingen konden de kiezers vijf stemmen over de kandidaten verdelen, want deze ondernemingsraad werkte met het personenstelsel.
De clou
Tot nu toe is er helemaal niets mis met deze procedure. Maar nu volgt de clou. De OR-leden die tevens lid van een vakbond zijn, meenden dat zij geen handtekeningen hoefden te verzamelen om op de lijst te kunnen staan, maar de anderen wel. Alle kandidaten die geen lid van een vakbond waren, moesten volgens hen dertig handtekeningen zien te verzamelen. Je zág ze denken: ik betaal die contributie niet voor niets. Begrijpelijk wellicht, maar desondanks fout. Een fout die tamelijk veel wordt gemaakt.
Misinterpretatie 1
De gang van zaken zoals die hierboven is geschetst, komt op dit moment het meeste voor. De zittende ondernemingsraad organiseert de verkiezingen en zorgt ook voor een kandidatenlijst. Op die kandidatenlijst kunnen leden van vakorganisaties staan. Het komt erg weinig meer voor dat er bij de verkiezingen sprake is van eerdere lijsten die met elkaar om de gunst van de kiezer concurreren. Een jaar of twintig, dertig geleden was dat anders. Toen was het normaal dat bij verkiezingen meerdere lijsten meededen. De verkiezingen waren als het ware populariteitspolls voor de betrokken vakorganisaties en na de verkiezingen vormden zich fracties in de OR.
Die situatie is tegenwoordig voor veel mensen zo vreemd geworden, dat zij zich slecht kunnen voorstellen dat de wetgever zoiets voor ogen had, en daarom misinterpreteren zij de wet. Die misinterpretatie behelst dat vakbondsleden geen, en andere kandidaten wel handtekeningen nodig hebben. De eis van dertig handtekeningen staat overigens wel in de wet, maar is gekoppeld aan de indieners van de lijst en niet aan de kandidaten op die lijst.
De wet
Wat zegt de
Wet op de ondernemingsraden (WOR) over dit punt? Artikel 9 WOR schrijft voor dat kandidatenlijsten voor verkiezingen door twee groeperingen kunnen worden ingediend. De eerste groepering is een vakbond, in de wet ‘vereniging van werknemers’ genoemd. De tweede groepering is een groep werknemers uit het bedrijf. De wet stelt aan die groep werknemers twee eisen. De eerste eis is dat zij geen lid zijn van de vakbond die een lijst indient. De tweede is een omvangseis: van het aantal werknemers dat geen lid is van een vakbond die een lijst indient, moet zij minstens een derde vertegenwoordigen, met een maximum van dertig. Vandaar die dertig handtekeningen. Een lijst die door een vakorganisatie wordt ingediend, behoeft geen handtekeningen, voor andere lijsten zijn die wel nodig.
Misinterpretatie 2
Een andere hardnekkige misinterpretatie van de wet, is dat op vakbondslijsten uitsluitend vakbondsleden kunnen staan en op ‘vrije’ lijsten uitsluiten niet-vakbondsleden. Het tegendeel is waar: op een vakbondslijst mag iedereen staan, zelfs leden van een concurrerende vakbond. En op een lijst van ‘ongeorganiseerden’ (de terminologie raakt wat oubollig) kunnen vakbondsleden staan. De enige eisen die de wet stelt aan kandidaten is dat zij het passief kiesrecht hebben, de overige eisen betreffen de indieners van de lijst.
Eén lijst
Maar zoals gezegd zijn tegenwoordig ondernemingsraadsverkiezingen waar meerdere (vakbonds)lijsten elkaar beconcurreren met een kaarsje te zoeken. Meestal wordt door de zittende OR één lijst met kandidaten samengesteld. Daarbij vraagt de OR (of een verkiezingscommissie) wel aan de betrokken vakbonden of zij kandidaten hebben. Hoe moeten we die lijst duiden? Het is een lijst die niet door een vakorganisatie is ingediend, en dus is het geen vakbondslijst. Ook al staan er wel vakbondsleden op. Die hele lijst behoeft dus handtekeningen. Hoeveel? Als er geen enkele vakbondslijst meedoet, is dat simpel: een derde van alle werknemers, met een maximum van dertig. Preciezer: een derde van alle kiesgerechtigde in de onderneming werkzame personen.