Schrijven is redelijk aan te leren, zelfs de ‘d’ en ’t’ allemaal op de goede plaats zetten – wat mij niet lukt – kun je leren en anders laat je je stukje redigeren. De kunst van het schrijven is het weglaten en toch die informatie laten staan die noodzakelijk is. Enige kennis bij de ontvanger over het onderwerp is dan wel vereist.
Laat ik dit eerst wat toelichten. U weet ongetwijfeld dat bij een sporttoernooi (bv. voetbal) een wedstrijd tussen de nummers vier en drie of de wedstrijd tussen de verliezers van een halve finale vaak een troostfinale wordt genoemd.
U weet ook dat wanneer je verdrietig bent, iets wat veel vreugde geeft veel troost kan bieden.
Nu moet u ook weten dat mei 2002 in Rotterdam een zeer bewogen periode was, Feyenoord – mijn cluppie – won de UEFA-cup en vlak daarvoor was de winnaar van de gemeenteraadverkiezingen en de persoon waar veel mensen hun hoop opgevestigd hadden, vermoord. Inderdaad, ik heb het over Pim Fortuyn.
Dat viel in die meimaand op een verschrikkelijke manier samen en voor velen werd de vreugde van de winst van Feyenoord teniet gedaan door de moord op Fortuyn, ook bij mij. Wat een groot feest had moeten worden – er was ook geen huldiging op de Coolsingel – maar voor alle supporters verloren ging, laat zich moeilijk beschrijven.
Toch is het iemand gelukt en het gevoel van het winnen van de UEFA-finale werd perfect verwoord in de volgende vier dichtregels:
Het ging niet om de plaatsen drie en vier
Maar om een cup en wie hem op mocht halen
Maar op de een of andere manier
Was het voor mij net een troostfinale.
Simpel, eenvoudig, maar de spijker op z’n kop geslagen.




