Dank, Gijs Dröge, dat je de moeite neemt om te reageren. Zo ontstaat er altijd meer begrip. Toch zou ik je reactie willen nuanceren.
Je stelt dat de consument in toenemende mate gevoelig is voor duurzaamheid. Getuige de groei van de verkoop van producten met een duurzaamheidskeurmerk. In die redenering gaan mijns inziens een paar dingen fout. Ten eerste is daar de schijnbare tegenstelling tussen burger en consument. Daarover is in de serieus te nemen media al veel geschreven. Het is ook wat fout gaat aan veel straatonderzoeken.
Wanneer je namelijk op iemand afloopt met een microfoon in je hand en hem of haar vragen gaat stellen over sociale misstanden of andere zwaarwegende zaken, zal die te allen tijde antwoorden met het maatschappelijk wenselijke antwoord. Om vervolgens toch gewoon zaken aan te schaffen die daarmee volkomen in tegenspraak zijn. Dergelijke onderzoeken zijn dus ook volkomen waardeloos omdat het niets zegt over het gedrag. Pas wanneer je elk jaar gedurende vele jaren de straat op gaat en steeds dezelfde vragen stelt, kun je uit de veranderingen die je daarin kunt zien iets zeggen over een veranderende maatschappij.
Daarnaast telt Nederland inmiddels meer dan 100 keurmerken in alleen voedsel en voeding. Meer dan 100, Gijs, en dat aantal neemt nog steeds toe. Dus wanneer je zegt dat de verkoop van zaken met een keurmerk toenemen, moet je dat corrigeren voor de enorme hoeveelheid van die stempeltjes je anno 2020 kunt vinden in de supermarkt. Als ik nu exact dezelfde aankopen doe als 10 jaar geleden, is 20 procent nu ineens voorzien van een keurmerk. Go figure.
De burger kiest de politiek. Dat is correct. En wanneer je dan de verkiezingstendensen van de – pak hem beet – laatste 15 jaar aanschouwt, heb je dan het idee dat die richting ‘we willen meer duurzaamheid’ gaat? Ik zie dat helaas niet zo. Daarbuiten is het hele kiesstelsel niet ingericht op kiezen op deelproblemen, dus kun je er ook geen conclusies uit trekken voor wat betreft keurmerken mijns inziens.
'Mijn punt is dat het fenomeen 'keurmerk' best wat zaken heeft kunnen veranderen, maar dat het model is uitgewerkt'
Natuurlijk vinden retailers hun imago belangrijk. Maar niet ten koste van omzet. Dus waar die twee hand in hand gaan is de keuze simpel. Waar er sprake is van een kostenverhoging, is dat moeilijker. Retail is nu eenmaal constant in oorlog met elkaar en ja, daar is prijs helaas de zwaarst wegende factor.
Mijn punt is eigenlijk dat het fenomeen ‘keurmerk’ best wat zaken ten gunste heeft kunnen veranderen, maar dat het model is uitgewerkt. De marktpercentages zijn ook om te janken. De beste doet 4 procent, de runner-up 2 en daarna is het off the charts.
Wat betreft je eigen ‘On the way to PlanetProof’ heb ik voldoende aannemelijk gemaakt dat het model niet werkt. De antwoorden van de deelnemende partijen (ook Hak, die het uit eigen zak betaalt, en RFC, met diens reactie ‘duurzaamheid is geen verdienmodel’) spreken wat dat betreft boekdelen. Wellicht is het onderzoek dat Foodlog en Boerenbusiness samen hebben gedaan onder retail en boeren wel het meest veelzeggend. Boeren doen in hoofdzaak mee vanwege de beloofde extra inkomsten, maar geloven tegelijkertijd niet dat de consument het kent ‘in het woud van keurmerken’.
Mijn advies blijft dus: stop met keurmerken, probeer de overheid te nudgen richting wetgeving (CO2-eq belasting is de meest voor de hand liggende eerste stap) en verleid de consument in samenwerking met retail en out-of-home via de bekende parameters, én... transparantie.






